Institutionele belemmeringen voor de MER-praktijk

De MER-praktijk krijgt steeds meer te maken met complexe afwegingen en dilemma’s. Meer aandacht is nodig voor een goede voorbereiding van het MER en de rol van milieueffectrapportage in het participatieproces. Want de procesrisico’s nemen toe en er is meer tijd nodig voor het begeleiden van (politieke) afwegingen.

Warmtetransitie

Dilemma’s
Met het uitdijen van de scope van omgevingsvisies zijn er meerdere opgaven die elkaar in de weg kunnen zitten. Door verschillende opgaven met elkaar te confronteren, maak je conflicten zichtbaar. Kiezen voor meer of minder, respectievelijk lagere of hogere windturbines? Hoe weeg je die keuze af tegen gezondheidsverlies, vogelslachtoffers en landschappelijke kwaliteit? Zonder participatie breng je dit dilemma niet gemakkelijk tot een bevredigend einde. Vooral niet wanneer partijen tegenover elkaar staan en de emoties hoog oplopen.

Dat geldt ook voor de dilemma’s bij een warmteprogramma. Uit oogpunt van maatschappelijke kosten is een warmtenet goedkoper. Maar veel bewoners maken zich zorgen over de betaalbaarheid. Een warmtepomp is niet goedkoop, maar je weet dan wel waar je als bewoner aan toe bent. De milieuoverwegingen tussen warmtenet en warmtepomp zijn dan vaak minder doorslaggevend. Bij bewoners gaat het om keuzevrijheid en kosten. Ook dit dilemma vraagt om een zorgvuldig participatieproces.

Institutionele belemmeringen
Het opstellen van een op participatie toegesneden notitie reikwijdte en detailniveau kost meer tijd en vraagt meer budget. Initiatiefnemers moeten bovendien betalen voor het advies van de Commissie mer over de notitie reikwijdte en detailniveau. Dit is het gevolg van een jaren geleden genomen politiek besluit. Dit maakt het MER onnodig duur, terwijl het advies van de Commissie juist cruciaal is voor de kwaliteit van milieueffectrapportage.

In een competitieve markt willen gemeenten en provincies niet altijd meer betalen voor meer proceskwaliteit. Vooral niet wanneer de Commissie mer alleen (achteraf) toetst op de inhoud van het MER-rapport. Meer budget voor een degelijk participatief proces is ook geen garantie voor een bevredigend eindresultaat en een goed MER. Dit heeft veel weg van een catch-22.

Deze situatie vraagt om heldere voorwaarden over de rol van MER in het participatieproces bij de aanbesteding van milieueffectrapportage. Ook is het voor de kwaliteit van MER beter om het opstellen van de notitie reikwijdte en detailniveau en het MER te laten uitvoeren door verschillende marktpartijen. Dat laatste gebeurt gelukkig al steeds meer.